Het sprookje:
'Er was eens...'. Dit sprookje
ook. Maar er is toch een verschil. Want het Volk van Laaf was er niet alleen.
Het is er nog steeds. Het lééft. En nog mooier, je kunt het
bezoeken. Maar... laten we bij het begin beginnen!
Miljoenen jaren leefde het Volk van Laaf aan de Noordpool. Brrrrr....daar is het toch veel te koud zul je zeggen. Daar wonen alleen maar Eskimo's en ijsberen. Dat is nu ook zo. Maar in de tijd waarover wij nu spreken was het anders. Toen was de Noordpool een tropisch paradijs. Er vlogen bontgekleurde vogels rond. Er groeiden palmbomen en het was er zo lekker warm, dat de Laven niet eens huizen hoefden te bouwen. Ze sliepen gewoon onder een afdakje van stro in de open lucht. De Laven waren aardig voor elkaar. Er was nooit ruzie. Ze leefden gelukkig. Met elkaar, in hun tropisch paradijs aan de Noordpool. Oervader Laaf en Oermoeder Lot keken elkaar weleens aan en zeiden dan: 'We hebben het wel getroffen met onze kinderen!' Het geluk van de Laven duurde vele jaren. Zolang, dat er geen eind aan scheen te komen. De zon bleef schijnen. De vogels zongen. Er bloeiden prachtige bloemen. 'Het is eigenlijk te mooi om waar te zijn' dacht Oermoeder Lot soms.
Maar
op een dag werd het kouder aan de Noordpool. Eerst heel langzaam. De Laven
merkten het in het begin bijna niet. Maar toen steeds vlugger. Zó
vlug, dat ze erg bang werden. Want je moet weten, dat Laven absoluut niet
tegen kou kunnen. Het zijn sterke wezentjes, maar van kou gaan ze dood.
Vader Laaf en Moeder Lot zochten wanhopig naar een oplossing. Maar stevige,
warme huizen bouwen hadden de Laven nooit geleerd. Ze hadden ook geen voorbeeld,
dat ze na konden bouwen. Wat nu? Het werd steeds kouder. De Laven rilden
en sommigen kregen al een akelige blauwe kleur. Toen vond Vader Laaf de
oplossing. Onder de grond is het warm wist hij. In het binnenste van de
aarde kookt een warme lava-pot. Die verwarmt de aarde tot vlak onder de
aardkorst. 'Lieve Moeder Lot en lieve Laven kinderen' zei hij, 'Wij verlaten
het oppervlak van de aarde. We gaan de diepte in, daar waar het warm is!'
Het Volk van Laaf begon verwoed te graven. Gelukkig werden ze daar wat warmer van. Anders was het beslist niet meer gelukt om de diepe kuil te delven die nodig was om aan de kou te ontsnappen. De Laven groeven dag en nacht. Alsof hun leven ervan afhing en dat was natuurlijk ook zo. Graven, graven, graven... steeds sneller, steeds dieper. Het gat werd zo diep als een echte mijnschacht. En het lukte! Op de avond van de vijfde graafdag was het zover. De ploeg die helemaal onderin werkte, voelde de warmte van de lava-pot aan hun verkleumde knuistjes. Het plan van Vader Laaf redde zijn volk! Vader Laaf riep alle Laven die nog bovengronds waren bij elkaar. 'We dalen nu af in de aarde,' sprak hij. 'Daar zullen we de warmte vinden die ons het leven redt'. De Laven verdwenen in de tunnel diep in de aarde. Maar waar was Moeder Lot? Die was al beneden. Ze was gaan kijken bij de ploeg die op het diepste punt aan het werk was. Maar... dat wist Vader Laaf niet. Die had het in die spannende laatste uren te druk gehad boven de grond.
Moeder Lot, Moeder Lot... waar ben je? riep hij over de donkere en steeds kouder wordende vlakte. 'Waar ben je, Moeder Lot. Kom mee naar het binnenste der aarde. Kom!' De stem van Vader Laaf weerkaatste tegen de ijsbergen die in de verte opdoemden. De wolven die met de kou waren meegekomen huilden. 'Moeder Lot, Moeder Lot... waar ben je. Kom, we gaan vertrekken', riep Vader Laaf steeds wanhopiger. Hij voelde de kou in zijn lichaam trekken... het werd zwart voor zijn ogen. Plotseling hoorde hij de stem van Moeder Lot uit de diepte. 'Vader Laaf, hier ben ik. Ik ben al beneden!' Vader Laaf wankelde naar de opening van de tunnel. Hij viel. Hij probeerde weer overeind te krabbelen. Maar het ging niet. De vrieskou nam bezit van de Stamvader der Laven... en hij legde het loodje aan de rand van het reddende gat... En niet zo maar het loodje, maar het Grote Lood. Vader Laaf is de enige Laaf die ooit het Grote Lood legde. Want als een Laaf heel oud geworden is, gaat hij naar Oermoeder Lot. Die tikt hem dan van Lotje... en dan begint zo'n Laaf weer rustig een nieuw leven! Maar bij Vader Laaf kon dat niet meer. Die was verstijfd van de kou en dan kun je niet meer van Lotje worden getikt. Natuurlijk was het Volk van Laaf heel erg bedroefd toen Vader Laaf het Grote Lood had gelegd. Moeder Lot huilde tranen met tuiten. Maar... ze moesten verder. Vader Laaf zou nooit gewild hebben dat zijn Volk bij de pakken ging neerzitten. De Laven trokken dieper de aarde in... en begonnen daarmee aan een zwerftocht die nog miljoenen jaren zou duren. Maar eerst maakten ze een prachtig standbeeld van Vader Laaf. Dat namen ze mee op hun reis. Overal waar ze naar toe gingen. En ze hebben het nog steeds.
Natuurlijk maakten de Laven tijdens De Grote Zwerftocht heel wat mee. Ze ontmoetten onderweg dieren die ook overvallen waren door de kou. Want niet alleen aan de Noordpool was het plotseling koud geworden. Ook in heel andere delen van de wereld. Terwijl ze aan het graven waren kwamen ze bijvoorbeeld een echte brontosaurus tegen. Een compleet beest. Helemaal zoals het er uitzag toen het nog leefde. Het was eerst bevroren en daarna luchtdicht in de aarde opgesloten. Daarom was het nog helemaal origineel. Het had niet kunnen bederven. Gelukkig trouwens dat het beest niet meer leefde. Voor de Laven dan. Want stel je voor. De brontosaurus was maar even 18 meter lang. Het beest had grote achterpoten en kleinere voorpoten. En een hele lange nek. Hoe zwaar zo'n brontosaurus was? Wel 35000 kilo. Dat is meer dan alle leerlingen van je school bij elkaar, met de onderwijzers en onderwijzeressen erbij! De brontosaurus had een enorme staart en leefde op het land en in het water. De Laven hoefden hun weg trouwens niet alleen maar te graven. Op veel plaatsen onder het aardoppervlak vonden zij rivieren. In het begin wisten ze niet hoe ze daar overheen moesten. Maar Laven zijn slim en handig. Van het hout dat in de onderaardse rivieren dreef konden zij al gauw eenvoudige bruggen bouwen. In sommige rivieren dreven complete boomstammen. Die holden de Laven uit en zo hadden ze boten. Ze wisten niet hoe ze huizen moesten bouwen, maar boten bouwen konden ze wel.
Al
lang voordat er mensen waren. Ze deden dat heel slim. Eerst met een beitel
en een houten hamer. Maar dat was erg zwaar en het kostte heel veel tijd.
De Laven kwamen toen op het idee een vuurtje te stoken. Ze legden de gloeiende
houtskool op de knoesten en harde plekken van de boomstammen. Daar schroeide
het hout weg. De Laven hoefden alleen de as maar te verwijderen en het
gat een beetje bij te werken. Precies zoals duizenden jaren later de eerste
mensen boten gingen bouwen. Soms bleven de Laven een tijdje op dezelfde
plaats ondergronds. Bijvoorbeeld als er ruime onderaardse grotten waren.
Rivieren en meertjes met kristalhelder drinkwater. Lekkere paddestoeltjes,
aardpeertjes en ander Lif Lafjes waar Laven gek op zijn. Maar toch vonden
ze nergens echt rust in de ondergrondse wereld. 'Want', zei Moeder Lot
vaak, 'Wij Laven zijn en blijven bovengrondse wezens.' En dan trok het
Volk van Laaf weer verder. Vooral in het begin van hun lange reis gingen
ze vaak bovengronds kijken. Maar ze konden nergens een plek vinden die
ze echt leuk vonden. Ze keken overal rond. We kunnen nu nog goed zien waar
dat was. Waar de Laven een kijkgat groeven, daar kwam later een stroom
warme lava naar buiten. Daardoor ontstonden hele bergen, die we vulkanen
noemen. Soms vergisten de Laven zich. Dan maakten ze een kijkgat dat op
zee uitkwam. Dat was natuurlijk een natte beweging. De Laven wisten dan
niet hoe snel ze weg moesten komen! Ook door die kijkgaten in zee kwam
lava naar buiten. Die lava stolde in het zeewater tot een berg. De top
van de berg die boven het water uitkomt noemen we een vulkanisch eiland.
De Laven bezochten tijdens hun tocht alle werelddelen. Zo zagen ze met eigen ogen een heel stuk van onze geschiedenis. Wat wij uit boeken weten, hebben zij met eigen ogen gezien. Ze keken al op de wereld rond toen er nog geen mensen waren. Ze zagen de eerste volken. Ze bezochten het Rijk Atlantis. Het geheimzinnige land, dat op een dag in de Atlantische Oceaan verdween. Toen in Egypte de piramiden werden gebouwd keken de Laven hun ogen uit. Ze wisten niet dat de Egyptenaren hier hun farao's, dat waren hun koningen, in begroeven. Dat zou je ook niet gauw denken, zo'n enorm gebouw voor één man. De Laven keken rond in het oude Griekenland. Dat vonden ze wel mooi, maar niet gezellig. Ze namen ook een kijkje in het Romeinse Rijk. Daar was het op sommige plaatsen wel gezellig, maar op andere weer heel griezelig. In de Arena van Rome vochten soldaten bijvoorbeeld met wilde beesten. Dat waren de gladiatoren. De Laven keken in China. Ze waren al in Amerika voordat Columbus dat in 1492 ontdekte. Ze hoorden soms vreselijk veel lawaai van boven komen. Dan was er oorlog of revolutie. Toen ze dat een paar keer gezien hadden, wisten de Laven het wel. Ze bleven sindsdien beneden als het weer zo vreselijk te keer ging. 'Het is weer herrie boven' zei Oermoeder Lot dan. 'Snappen jullie waarom de mensen er zo'n bende van maken?' Het lawaai werd door de jaren heen alleen maar erger. De Laven dachten weleens dat de wereld verging. Ze kwamen soms enorme gaten in de aarde tegen, waarin niets meer leefde. Alles was er dood. Mensen, dieren, bloemen, planten... Dan waren er bommen gegooid. De Laven kregen dan werkelijk de schrik in hun dunne beentjes.
De
Laven werden trouwens toch niet vrolijker de laatste jaren. Niet dat ze
zich echt treurig voelden, daar zijn ze te goedhartig en vrolijk voor.
Maar aan wat ze onderweg tegenkwamen zagen ze dat het er 'boven' niet beter
op werd. De onderaardse rivieren werden vuiler. Dat kwam alleen van boven
af. Ze kwamen hele verzamelingen ijzeren beesten tegen. Dat waren autokerkhoven.
Als ze dichter bij de aardkorst kwamen, werden de Lif Lafjes waarmee Laven
zich voeden ook minder lekker. De aarde werd ook onder de grond steeds
vuiler. 'De mensen doen maar raak. Ze maken er daarboven een echte troep
van', zeiden de Laven dan. 'Dat is toch jammer van die mooie wereld die
wij nog van vroeger kennen.' Alaaf! En dan opeens breekt een heel bijzondere
dag aan in de geschiedenis van de Laven. Een echte sprookjesachtige dag!
De Laven voelden al bij het opstaan dat hij anders dan andere zou worden.
Want daarin lijken de Laven op mensen. Soms voelen ze iets en ze weten
niet waar het vandaan komt. Dan zit er iets in de lucht, zeggen ze. Oermoeder
zei na het ontbijt: 'Lieve Laven en Laafjes. Het zou mij niet verbazen
als er vandaag iets zou gebeuren. Iets waar we al jaren op hebben gewacht.
Er zit iets in de lucht!' Ze was nog niet uitgesproken of daar klonk van boven luid en duidelijk 'Alaaf!' Nu moet je weten dat 'Alaaf!' al jaren de kreet was waarmee de Laven elkaar riepen. Elkaar goedendag zeiden en smakelijk eten wensten. 'Alaaf!' 'Er is toch geen Laaf bovengronds,' riep Moeder Lot. Ze telden razendsnel het Lavenvolk. Iedereen was er. Nu werden Moeder Lot en de andere Laven wel héél erg nieuwsgierig. 'Alaaf!' klonk het weer. De beste klimmers werden naar boven gestuurd om poolshoogte te gaan nemen. Ze bleven behoorlijk lang weg. 'Dat is een goed teken', zei Moeder Lot. 'Dat wil zeggen dat er goede dingen te zien zijn. Anders waren ze wel eerder terug geweest!' De spanning steeg, de Laven beneden kregen rode wangen van opwinding. Bijna net zo rood als de wangen van de Laven die naar beneden kwamen om te vertellen wat ze boven gezien hadden! Ze hakkelden van opwinding. 'Moeder Lot en andere Laven, luister! Wij zijn nu onder een echt Lavenland aangekomen. Met een oud kasteel, een prachtige tuin en hoge bomen. Met vriendelijke mensen, die 'Alaaf!' roepen en leuke liedjes zingen...' De Laven die boven waren geweest vertelden honderd uit. Toen ging Moeder Lot samen met enige zeer oude Laven zelf een kijkje nemen. Toen ze terugkwam had ze tranen in haar ogen. Van vreugde hoor. 'Laven' sprak ze geroerd. 'Wij zijn aan het einde van onze lange reis gekomen. Als we ergens weer bovenaards kunnen gaan leven, is het hierboven. In de Efteling.'
Want daar was het, dat had je al begrepen. Het was in de Efteling dat de kreet 'Alaaf!' weerklonk. De kreet die de Laven naar boven lokte. De Laven kregen er een mooi stuk grond. Ze bouwden er hun eigen dorp. 'En ze konden helemaal geen huizen bouwen,' hoor ik je nu denken. Je hebt gelijk. Ze konden het niet, maar ze hadden gauw in de gaten hoe wij mensen dat doen. En dat deden ze op hun eigen Laafse manier na. Dat is juist het leuke ervan. En weet je wat nog veel leuker is? Dat je het allemaal met eigen ogen kunt komen bekijken. De meeste sprookjes die je hoort, speelden zich heel lang geleden in een ver land af. Het sprookje van Laaf is anders. Dat gaat gewoon door. Wil je weten HOE? Dan moet je gauw in de Efteling komen kijken. Want daar woont het Volk van Laaf. "Alaaf!"
Het Volk van Laaf in
de Efteling:
Zoals gezegd, is dit sprookje
er ruim opgezet. Het sprookje is geen bestaand sprookje, maar een verhaal
dat Creatief Directeur Ton van de Ven heeft verzonnen. Dit verhaal wordt
ook verteld door Wieteke van Dort in het Loerhuys. Dit is niet de eerste
keer dat de Efteling een sprookje zelf verzint, in het Sprookjesbos
staan een aantal verzonnen sprookjes:
De Sprekende
Papegaai, Het Bruidskleed van Genoveva,
De Magische Klok en de Vliegende Fakir. In 1996 verzon de Efteling wederom
een nieuw verhaal, rond de legende van de Bokkerijders.
Een heel dorp is verrezen in het Marerijk, waar vroeger de speeltuin stond.
Tijdens de eerste Winter Efteling was er een Laven adoptieweekend. Iedereen
die een laaf had geadopteerd, kreeg een plattegrond van het Lavelaar en
kon zo heel leerzaam door het dorp lopen. Hieronder zie je de bewerkte
scan van die plattegrond. Op de diverse huisjes staan nummers, onder de
plattegrond zie je een korte beschrijving van die wonderlijke Eftelingcreaties.

| 1. Lonkhuys:
|
Dit is het eerste huisje dat je ziet als je naar het Lavenlaar loopt. Vanuit dit huis (waar je ook met de monorail doorheen gaat) heb je een goed overzicht over het dorpsplein. |
| 2. Lot's Kraamhuys:
|
In het Kraamhuys worden de kleine Larfjes opgevoed door Oermoeder Lot. Zij tikt ook de oude Laven van Lotje, zo kunnen ze weer rustig verder leven. Er zit ook een oude laaf, je kunt op zijn buik zien hoe vaak hij van Lotje getikt is. Wist je trouwens dat er twee Larfjes met dezelfde naam zijn? |
| 3. Lal's Brouwhuys:
|
Dit is de brouwerij van de Laven. Hier maakt Lal de lekkerste dranken zoals: Laafse Lurk, Lebber en Limoen. Buiten ligt een Laaf rustig te slapen. |
| 4. Lurk en
Limoenhuys:
|
Tot voor kort was dit een soort café, waar je als bezoeker kon genieten van alle Laafse lekkernijen. Tegenwoordig doet het gebouw (vooral in de avonduren) dienst als 'Lavendisco' |
| 5. Leunhuys:
|
Dit is ook een van de huisjes waar je met de monorail doorheen gaat. Boven op een balk zitten een paar Laafjes. Als een van de kleine Laven de spanning op de lamp zet, dan zie je dat de Laaf die de lamp vast heeft een 'tik' krijgt. |
| 6. Loof en
Eerhuys:
|
Dit is de plek waar de Laven in 1990 na Christus uit de grond kwamen. Je ziet er het gat met de trap waar ze vandaan kwamen. Aan de andere kant in het gebouw staat het beeld van Vader Laaf, die bij het begin van de lange tocht het Grote Lood legde. |
| 7. Lijn's Zweefhuys:
|
Een Zweefhuys, wat werkelijk boven het water zweeft. Aan beide kanten kun je via een soort van touw/hangbrug het Lijn's Zweefhuys betreden. |
| 8. Lavelhuys | Dit ook een van de huisjes waar je met de monorail doorheen gaat. In het huisje zie je nog wat typische Lavenspulletjes. |
| 9. Leerhuys | Ook Laven gaan naar school. In het Leerhuys geeft Leraar Lavi de laven les. |
| 10. Glijhuys
|
Naast leren is er ook tijd voor plezier, in het Glijhuys zitten een aantal glijbanen. Op het dak is een schoorsteenveger bezig met het schoonmaken van de schoorsteen. |
| 11. Loerhuys
|
In het Loerhuys kun je in een soort van put kijken en luisteren naar het verhaal van Het Volk van Laaf. Het verhaal wordt verteld door Wieteke van Dort. |
| 12. Lariekoekhuys
|
Ieder dorp heeft een bakker, zo ook hier. Je ziet de bakkers hier hun lariekoeken en broden bakken. Boven op het balkon staat een laaf die kwaad is op een andere Laaf die in de wieken van de molen hangt. |
| 13. Lachhuys | Dit huisje heeft een bijzondere trap, iedere tree waar je op staat, geeft een apart geluidje. |
| 14. Leedhuys | De naam zegt het al, hier kun je terecht als je leed hebt, hier zit dan ook een EHBO-post. |
| 15. Slakkenhuys | Dit is het start/eindpunt van de monorail. |
's Winters is het Lavanlaar omgetoverd tot een heus wintersportgebied. Vlak voordat de Winter Efteling opent, hebben de Laven hun Laafse Winterspelen gehad. Overal in het Lavenlaar zijn de resten van dit evenement nog terug te vinden. Laaf Ludwig speelt nog overwinningsliederen. Ook zijn diverse krantenartikelen over de Laafse Winterspelen nog te lezen in het Lavenlaar. Maar als je de diverse huisjes bezoekt, dan zul je diverse Laven met een verbandje/spalk zien.
Foto: